De industrie in Duitsland en Frankrijk heeft in februari onverwacht minder geproduceerd dan in de voorgaande maand. Analisten hadden juist gerekend op een groei van de productie in de twee grootste economieën van de eurozone.

De Duitse industrie produceerde 1,6 procent minder ten opzichte van januari. In Frankrijk bedroeg de neergang 4,7 procent op maandbasis, de sterkste daling in tien maanden tijd. Vooral Franse autofabrikanten produceerden fors minder.

Economen van ING houden er rekening mee dat koud winterweer de terugval veroorzaakte. Daarnaast kampen vooral autofabrikanten wereldwijd met chiptekorten door de explosief gestegen vraag naar elektronica. Veel automerken hebben de voorbije maanden hun productie moeten verlagen.

Ten opzichte van februari vorig jaar, de maand voordat maatregelen tegen het coronavirus vrijwel heel Europa op slot gooiden, daalde de industriële productie van Duitsland volgens het federale statistiekbureau Destatis met 6,4 procent. In Frankrijk gaat het om een terugval van 6,6 procent op jaarbasis.

De Europese industrie geldt als een lichtpunt tijdens de tweede reeks van lockdowns die veel landen het afgelopen najaar invoerden. Fabrieken zijn ondanks die beperkingen blijven draaien, in tegenstelling tot dienstverlenende branches zoals de horeca en detailhandel. Kort na de uitbraak van de pandemie, in het voorjaar van 2020, werd de industrie nog hard geraakt door fabriekssluitingen.